dinsdag 7 oktober 2014

Noodprocedures

Na het circuitwerk oefenen, is deze keer aan de beurt wat te doen als onderweg de motor er mee ophoudt. Dat gebeurt natuurlijk niet vaak, maar als het eens mocht gebeuren, is het fijn om te weten wat je kunt verwachten en wat te doen en laten.
Er zijn twee gebieden op bevliegbare afstand vanaf Lelystad waar lager gevlogen mag worden dan het wettelijk minimum van 500ft dat voor onbebouwd gebied geldt. Één gebied ligt in de Flevopolder net ten noorden van de A27, de andere tussen Deventer en Zutphen. Onderweg naar het vliegveld is de totale zuidelijke helft van de Flevopolder in een breiige mist gehuld. Vanaf Muiden tot aan de Knardijk is het zicht tussen 200 meter en 1 km. Even leek het er op dat we helemaal niet zouden gaan vliegen, maar boven de Knardijk was het plotseling geheel helder. Wel wat Cumulonimbus (CB) wolken die erg actief waren en hoog reikten, dus kans op onweer (zoals voorspeld) en sterk variërende wind met turbulentie in de buurt van die wolken. Uit de buurt blijven, dus!
Ik ben ruim op tijd aanwezig, dus ik heb alle tijd om mijn camera in het vliegtuig te monteren, zodat ik kan opnemen en later terugkijken (en luisteren) wat er vanmiddag allemaal gebeurt. Ook neem ik de gelegenheid waar om nog wat foto's te schieten van de PH-KAX, onze Piper Arrow II, die voor ons uit een uurtje gaat vliegen. Ik heb sinds kort een nieuwe fotocamera, dus die moet even uitgeprobeerd worden. Ook nog even een plaatje van de cockpit van de Aquila, want degene die ik eerder maakte, daar stond de fuel selector switch en de parking brake lever niet op. Nu wel, dus!

Enfin, eerst een uitgebreide briefing over wat nu allemaal te doen als je op redelijke hoogte een motorstoring krijgt. Eerst essentiële dingen checken - carburateurvoorverwarming, brandstofpomp, fuel selector switch-, dan proberen opnieuw te starten. Als dat niet werkt, dan juist dat alles uit en een noodoproep doen, veld kiezen (lang genoeg, vrij van obstakels, in de wind gericht) en zorgen dat je een verkort circuit (glide-in) uitvoert, dus met de wind mee naast het begin van het veld op 1000 ft uitkomen en dan het circuit afmaken door 2 x 90 graden linksom te draaien. Dat kan natuurlijk alleen maar als je voldoende hoogte hebt en daardoor tijd hebt om dat alles uit te voeren. Heb je dat niet, dan geldt de ingestampte prioriteitsvolgorde Aviate, Navigate, Communicate. Allereerst moet je het vliegtuig blijven vliegen. Dan liefst daar naar toe waar je bedoeling was en als je dan nog tijd over hebt kun je de verkeersleiding op de hoogte brengen van waar je nou eigenlijk mee bezig bent. Vlak voor de noodlanding moet alles wat brand kan veroorzaken uit: fuel selector switch naar "off", batterij en generator uit (de "rode items"; de draaiknop in de middenconsole en de rode, dubbele schakelaar op het dashboard).

En dan vliegen. Inmiddels is het weer wat opgeknapt en we besluiten het circuit richting Harderwijk te verlaten om daar te zien hoe het weer richting Apeldoorn er uit ziet.  Dat valt mee. De zuidelijk helft van Flevoland is inmiddels behoorlijk opgeknapt en de CBs zijn al richting Zwolle vertrokken en trekken verder noord-oostwaarts. Op naar Deventer, dus. Noord langs Teuge en dan klimmen naar 2500 ft om wat hoogte te hebben om uit te zweven tijdens de emergency drills. Als dan voor het eerst het gas dicht gaat, is dat toch wel een beetje spannend. Meteen gaat de blik naar buiten "Oh jee, welk veld moet ik nou kiezen?" en ik vergeet dus alles wat ik hierboven genoemd heb. Gelukkig kom ik er al snel achter dat er best veel tijd is als je vanaf 2500 ft begint te zweven. Het duurt al even voordat je bij gelijkblijvende hoogte op de beste glijsnelheid (de snelheid waarbij je het verste kunt zweven) aangekomen bent. Vervolgens hou je die snelheid vast door de neus een beetje (niet te veel!) naar beneden te laten zakken. Aftrimmen, zodat je geen kracht op de stick meer hoeft te zetten en dan ga je met zo'n 400 à 500 ft per minuut naar beneden. Al met al heb je dan dus een minuut of 5 voordat je wielen de grond raken. En dat is best veel. Sterker nog: bij alle pogingen die ik deed, heb ik minstens één keer een ander veld moeten kiezen, omdat ik er overheen zou gaan zweven. Man, wat zweeft die Aquila goed! Duidelijk iets waar ik nog wat meer gevoel voor moet kweken. :)
Volgende oefeningen gingen vanaf lagere hoogte, ongeveer 1500 ft, dus dan heb je ongeveer één minuut om "je dingen te doen", een veld te kiezen en op downwind langs het begin van het veld te zweven. Dat gaat al gauw ten koste van de herstartpoging en de noodoproep, maar geeft binnen één les wel vaker de gelegenheid om de laatste fase van het zweven mee te maken.

We gaan dit zeker nog een paar keer oefenen, maar nu wordt het tijd om weer terug te vliegen. Weer langs de IJssel naar het noorden, ruim noord van Teuge weer westelijk en in dit geval over de camping heen naar Harderwijk.
Terug op Lelystad hebben we nog drie landingen geoefend, die deze keer bijzonder goed gingen. Ik begin eindelijk het gevoel te krijgen dat zo essentieel is voor richting- en snelheidscontrole. Het begint wat te worden! De noodprocedures moeten nog wel verbeteren voordat ik solo mag en ik zal zeker ook nog een paar keer meer moeten laten zien dat ik met name de snelheid op final goed onder controle heb, maar het gaat er aan komen ...